Gokschuld en boete: Dostojevski's 'De Speler'

In de laatste opera van ons seizoen neemt sterregisseur Karin Henkel 'De Speler' van Prokofjev voor haar rekening. De opera is gebaseerd op een roman van Dostojevski, die nogal wat van z'n eigen zonden in de roman stak. Een verhaal over gokschulden, bedrog en overdaad...

Halfnaakt op de vlucht

Als tiener amuseerde Dostojevski zich al met biljarten voor geld, met winst- of verliesmakende dominospelletjes en met de roulettetafel. Maar pas rond zijn veertigste werd hij een pathologische gokverslaafde. 

Heel erg soms had hij geluk, maar meestal liep het anders af. Zo verspeelde hij op een bepaald moment het volledige kapitaal van zijn vrouw in een speelhal, en moest volstrekt berooid en letterlijk half uitgekleed de stad ontvluchten, vernederd en achtervolgd door zijn schuldeisers... 

Alles of niets

Gelukkig had Dostojevski's verslaving een creatief neveneffect. Om van zijn gigantische schuldenberg af te geraken, kreeg hij in 1866 een riante som geld los van zijn uitgever, onder één stevige voorwaarde: hij moest binnen de vier weken een volledig nieuwe, kwalitatieve roman uit z'n duim zuigen.

Als hem dat niet lukte, verloor hij alle rechten op zijn dan al gepubliceerde boeken. Opnieuw een gok van alles of niets, dus. 

De Speler

En gelukkig maar, want die gok leverde ons De Speler op. Een verhaal waarin Dostojevski z'n eigen demonen de vrije loop laat. Het verhaal speelt zich af in het fictieve Duitse stadje Roulettenburg, waar een aantal aan lager wal geraakte en tragische personages niet kunnen ontsnappen aan hun verslavingen.

De Speler werd een bescheiden succes, en de carrière van Dostojevski was gered. 

Intendant Aviel Cahn overhaalde de bekende theater-regisseur en Dostojevski-aficionado Karin Henkel om van De Speler haar operadebuut te maken. Opnieuw een gok, en een die Henkel maar wat graag aannam... 

Lees ook