Een portret van Wim Vandekeybus

Dansen op de rand van de afgrond

door Fernando Vandekeybus, wo 25 mrt 2026

Wim Vandekeybus Filip Claessens

In 2024 hercreëerde regisseur en choreograaf Wim Vandekeybus met Opera Ballet Vlaanderen zijn iconische danstheatervoorstelling PUUR. Met Bizets Carmen maakt hij nu zijn operadebuut. Altijd kwetsbaar, altijd zoekend naar de balans tussen sensibiliteit en kracht, heeft hij een eigen, uitgesproken vormentaal ontwikkeld. Een portret van een eigenzinnig en veelzijdig oeuvre:

Wim Vandekeybus (1963) bewandelde een ongebruikelijke route naar de internationale podia. Opgegroeid op het Kempische platteland volgde hij zijn vader, een gedreven dierenarts, van stal tot stal. Ondanks een academisch vervolg aan de faculteit Psychologie van de KU Leuven, ontdekte hij al snel dat de lokroep van creativiteit en performance krachtiger was dan de wetenschappelijke rationaliteit van zijn opleiding. Het keerpunt kwam in 1986 toen Vandekeybus zijn entree maakte als performer in Jan Fabres The Power of Theatrical Madness (1984), een intuïtieve beslissing die zijn leven voorgoed richting het podium en de theaterwereld stuwde.

Een jaar later richtte Vandekeybus, ondanks het gebrek aan substantiële financiering, vastberaden zijn eigen dansgezelschap Ultima Vez op. De Spaanse naam verwees naar zijn voornemen dat dit de eerste en meteen de laatste keer zou zijn dat hij zoiets ondernam.. Zijn benadering was vanaf het prille begin veeleisend en stond voortdurend onder hoogspanning, waarbij hij zijn performers uitdaagde om telkens alles te geven, alsof het werkelijk de laatste keer was. Met zijn debuutproductie What the Body Does Not Remember (1987) ontketende Vandekeybus een ware artistieke storm. Het was geen gewone voorstelling, maar eerder een rauwe, fysieke belevenis; een tabula rasa van het al gekende, zoals hij het later zou omschrijven. De voorstelling onthulde de essentie van instinctieve reflexen, geworteld in de onversneden realiteit van het bestaan. Ze legde de fundamenten voor Vandekeybus’ kenmerkende danstaal. Performers wierpen stenen boven hun hoofd terwijl ze met toenemende snelheid over het podium renden: letterlijk dansen tot op de rand van de afgrond. De voorstelling werd bekroond met een Bessie Award voor grensverleggend werk in New York en lanceerde Ultima Vez op slag richting de wereldpodia

Elke daaropvolgende productie werd voortgestuwd door Vandekeybus’ aanhoudende drang om nieuwe vormen te ontdekken, of het nu ging om een klassiek mythologisch stuk of een cinematografische voorstelling. Ondanks de evolutie in zijn artistieke expressie bleef de kern van zijn bewegingstaal onwrikbaar in het omarmen van spanning, conflict, de interactie tussen lichaam en geest, het nemen van risico’s en het volgen van impulsen. Zijn artistieke uitingen stralen onmiskenbaar lichamelijkheid, passie, intuïtie en instinct uit. Elk van deze elementen krijgt voortdurend een vernieuwende vorm in multidisciplinaire voorstellingen waar dans en theater naadloos versmelten met cinema, muziek en poëzie.

‘Een prominent motief in het oeuvre van Wim Vandekeybus schuilt in de reactie van de mens op extreme situaties. Hij benadrukt vooral het ‘moment van de catastrofe’, waarbij humor, speelsheid en zelfs luchtigheid niet zijn uitgesloten’

‘Een intuïtieve omgang met de dansers en hun mentale toestand’

Een prominent motief in het oeuvre van Vandekeybus schuilt dan ook in de reactie van de mens op extreme situaties. Hij benadrukt vooral het ‘moment van de catastrofe’, waarbij humor, speelsheid en zelfs luchtigheid niet worden uitgesloten. Dit doet hij door diverse karakters in zijn werk te betrekken, van kunstenaars tot niet-kunstenaars en dansers van verschillende leeftijden en achtergronden. Om vervolgens omstandigheden te creëren die deze performers naar een punt drijven waar instinctieve reacties worden uitgelokt door gewoonten en verwachtingen te doorbreken. Deze reacties plaatst hij binnen het onverzoenlijke conflict tussen lichaam en geest, emotie en verstand, natuur en cultuur, collectiviteit en individu, en de allesomvattende confrontatie tussen illusie en realiteit.

Vandekeybus’ aanpak is desondanks verre van theoretisch; hij leeft vanuit zijn intuïtie en deelt die met zijn dansers zonder dwingend te zijn. In deze verhouding wordt creativiteit als iets kinderlijks en eenvoudigs beschouwd, waarbij de beste creaties zichzelf niet uitleggen, maar ontstaan vanuit instinctieve reacties. Zijn choreografieën weerspiegelen zo een intuïtieve omgang met de mentale toestand van de dansers, waar vrijheid en creativiteit op het podium gedijen en elk individu een unieke bijdrage kan en moet leveren.

In zijn vroege voorstellingen raakten tekst en verhaal volledig ondergeschikt aan de lichaamstaal, doordrenkt van suspense. Elke beweging vertelde een relaas van passie, conflict en de menselijke drang naar vrijheid. Vanaf 1991 integreerde Vandekeybus echter ook meer verhalende elementen in zijn creaties. In Alle Grossen decken sich zu (1995) nam het theater de leiding. Later volgden onder andere Sonic Boom (2003), Oedipus/Bêt Noir (2011) en ook in zijn meest recente creatie Infamous Offspring (2023) heeft Vandekeybus’ artistieke proces zich steeds verder ontwikkeld naar het scheppen van theatrale werelden waar beweging en tekst harmoniëren.

Een beeldenkunstenaar

Hoewel filmfragmenten al vroeg in zijn producties werden geïntegreerd, waren het Blush (2003) en PUUR (2005) die op intrigerende wijze film en podium lieten versmelten. PUUR was volledig opgebouwd als een dialoog tussen een speelfilm, geschoten in Super 8, en wat er op het podium gebeurde. Deze ervaring motiveerde hem om filmische adaptaties van zijn voorstellingen te maken. Die konden fungeren als op zichzelf staande werken, zoals Blush (2004) en Monkey Sandwich (2013). In 2015 zette Vandekeybus tijdelijk zijn choreografische schoenen opzij en betrad hij met Galloping Mind het speelfilmlandschap. Hierbij betrok hij kinderen uit weeshuizen om een moderne mythe te weven over een gescheiden tweeling, doordrenkt met de antieke tragedies en menselijke machteloosheid. Tenslotte experimenteerde hij in Hands do not touch your precious Me (2021), het boeiende samenwerkingsproject met Olivier de Sagazan en Charo Calvo, voor het eerst met liveprojecties vanaf het podium om de diepere betekenissen van ’lichaam’ en ‘mens’ te proberen ontrafelen.

De integratie van filmprojecties in zijn voorstellingen is voor Vandekeybus dan ook een organisch proces geweest. Hij beschouwt zichzelf als een beeldenkunstenaar, denkend in beelden. Hij benadrukt het belang van verbeelding die niet volledig wordt ingevuld. Vanuit die gedachte vermeed Vandekeybus in zijn vroegere periode een al te maatschappelijk karakter omdat dans – als abstracte kunst – gevoeld moet worden en niet per se begrepen. In de loop der jaren ontwikkelde hij echter een aangescherpte narratieve stijl. Vandekeybus’ voorstellingen namen steeds meer de vorm aan van associatieve montages, waarbij grenzen tussen disciplines werden overschreden zonder hun diepgewortelde autonomie te verliezen. Deze werkwijze bereikte een hoogtepunt in zijn meest recente creatie, Infamous Offspring (2023), een moderne interpretatie van de Griekse mythologie waar dans en de poëzie van Fiona Benson zowel op het podium als het scherm versmelten tot een nieuwe en unieke wereld. Infamous Offspring evolueert bijgevolg tot een visuele vertelling die verschillende media omarmt, waarbij cinema naast podiumperformance bestaat en dans hand in hand gaat met gesproken woord. Deze gelaagde benadering versterkt elkaar, resulterend in een unieke vormentaal die het publiek meeneemt op een eigentijdse reis door de tijdloze verhalen van de Griekse mythologie.

‘Muziek fungeert als een zielvolle metgezel en vervult een cruciale rol in alle choreografische creaties van Vandekeybus

De mysterieuze omhelzing van muziek en dans

Ook muziek fungeert als een zielvolle metgezel en vervult een cruciale rol in alle choreografische creaties van Vandekeybus. Al sinds What the Body Does Not Remember nam ze de rol van emotioneel dirigent op zich, onder leiding van Thierry De Mey en Peter Vermeersch. In de daaropvolgende jaren voegden componisten en muzikanten als Charo Calvo, David Byrne, David Eugene Edwards, Marc Ribot, Trixie Whitley, Arno, Daan en Mauro Pawlowski hun noten toe aan de choreografische partituur. Vandekeybus omarmt voortdurend de harmonie tussen beweging en melodie. Zijn zoektocht naar innovatie bracht hem zelfs tot aan de drempel van stilte, waar muziek en dans elkaar in een mysterieuze omhelzing ontmoeten.

‘Zijn zoektocht naar extremen en zijn onconventionele benadering van theater dienen als voortdurende inspiratiebron voor iedereen die voorbij de veilige horizon durft te kijken’

Vandekeybus is niet alleen een gedecideerde maker maar ook iemand die durft te twijfelen en zijn eigen ideeën in vraag durft te stellen. Altijd kwetsbaar, altijd zoekend naar de balans tussen sensibiliteit en kracht, heeft hij zijn eigen unieke plek binnen de kunstwereld veroverd. Zijn zoektocht naar extremen en zijn onconventionele benadering van theater dienen als voortdurende inspiratie, niet alleen voor de kunstwereld, maar voor iedereen die voorbij zijn eigen veilige horizon durft te kijken. Toch zit de ware kracht vooral in zijn vermogen om anderen te laten ontdekken wat ze van zichzelf niet wisten, een kunst die zowel tot de fysieke als mentale dimensies reikt. Vandekeybus nodigt het publiek uit om op de rand van het bekende te balanceren, om vervolgens de grenzen van de verbeelding te verkennen en de rijkdom van het menselijke bestaan te omarmen. Zo blijft zijn artistieke erfenis niet alleen een uitdaging voor de verbeelding. Ze is ook een glasheldere spiegel die de innerlijke ontdekkingen reflecteert van zowel degenen die zijn werk tot leven brengen als zij die de voorstellingen ervaren en bijwonen.

Opera Ballet nieuwe productie
|

Antwerpen | Brugge

Carmen

Georges Bizet

Info en tickets
a5cP6000004GTQLIA4-a0bP6000002XQFVIA4

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief

Volg ons