OPERALAB: opera als levend laboratorium
di 9 jun 2026
Regisseur Leon Rogissart en zanger en coach Peter Tantsits begeleiden de jonge stemmen van de IOA in dit bijzondere experiment Operalab. Een plek waar artiesten mogen zoeken, proberen en experimenteren. Niet in de beslotenheid van een repetitieruimte, maar in contact met het publiek.
‘Het idee van een lab spreekt me enorm aan’, zegt Rogissart. ‘Het roept een plek op waar je mag zoeken, proberen en experimenteren. Ik hoop een voorstelling te maken waarin je niet vanop een veilige afstand toekijkt, maar wordt meegezogen in de emoties, verlangens en conflicten die in de muziek en de personages verscholen liggen.’
Ook voor Tantsits ligt daar de waarde van Operalab. ‘Voor mij bestaat er geen opera zonder expressie en vernieuwing’, zegt hij. ‘Opera is duur. Daarom hebben we de verantwoordelijkheid om zorgvuldig om te gaan met publieke middelen en met elkaars tijd. Wat we maken, moet ertoe doen. Het moet bijdragen aan de ontwikkeling van de kunstvorm. Anders is het volgens mij niet de moeite waard.’ Operalab is voor hem dan ook een plek om expressieve en vernieuwende technieken uit te proberen onder wat hij ‘battle conditions’ noemt: niet in de beslotenheid van een repetitieruimte, maar met een publiek erbij. Dat geldt voor de artiesten op de scène, maar evengoed voor de coaches die hen begeleiden.
Dicht bij de essentie
Operalab draait niet om spektakel, maar om aandacht. Wat gebeurt er wanneer je een scène afpelt tot wat noodzakelijk is? Voor Rogissart ontstaat verbeelding net in de ruimte die je openlaat.
‘Wat op de scène staat, hoeft niet alles te verklaren. Ik zie een scène graag als een canvas waarop het publiek eigen associaties, herinneringen en emoties kan projecteren’ - Leon Rogissart
Die benadering sluit aan bij hoe Tantsits naar opera kijkt. Voor hem ontstaat de kracht van opera niet door schaalgrootte, maar door verbinding. Een kleine ruimte kan even intens zijn als een groot operahuis, zolang artiesten en publiek samen in dezelfde spanning terechtkomen. Opera wordt zo een gedeelde ervaring: iemand probeert iets te vertellen aan iemand anders. Een gedachte krijgt klank. Een emotie wordt zichtbaar.
Repertoire dat uitdaagt
De jonge zangers en pianisten gaven zelf mee richting aan de keuze van het repertoire. Tantsits en het IOA team zochten stukken die hen vocaal, muzikaal en dramaturgisch uitdagen. Veel aria’s en scènes bevinden zich op kantelmomenten: vlak voor of tijdens een emotionele piek. In een volledige opera groeit het publiek langzaam naar zo’n moment toe. In Operalab verschijnt die intensiteit vaak meteen. Dat maakt het materiaal kwetsbaar, veeleisend en spannend.
Voor Rogissart is Operalab ook een persoonlijke ontdekkingstocht. Hij maakt kennis met nieuw repertoire, duikt in verhalen en zoekt samen met de studenten naar wat de personages vandaag menselijk, herkenbaar en relevant maakt. Tantsits benadrukt dat niemand voor een veilige keuze ging. Het repertoire is nieuw voor de artiesten en komt aan het einde van een intens werkjaar. Wat ze hier ontdekken, nemen ze mee in hun verdere parcours.
Voor kenners en nieuwsgierige nieuwkomers
Operaliefhebbers kunnen een avond verwachten met aria’s en scènes uit uiteenlopende werken, waaronder repertoire dat zelden te horen is. Maar Operalab is er niet alleen voor kenners.
Wie minder vertrouwd is met opera, vindt in dit project een toegankelijke ingang tot het genre. Je hoeft geen specialist te zijn om geraakt te worden door verlangen, verdriet, woede, liefde of hoop. Die emoties stromen door de muziek en blijven vandaag even herkenbaar als toen de stukken geschreven werden.
OPERALAB#2 nodigt je uit om opera van dichtbij te ervaren: menselijk, kwetsbaar en zonder omwegen. Niet als museumstuk, maar als levend laboratorium.